Zuid Bohemen/Lipnomeer

In een schilderachtig landschap met talloze vijvers temidden van weiden, bossen en moerassen, zijn de silhouetten van prachtige middeleeuwse stadjes en oude boerenhoeves zichtbaar.
Zuid-Bohemen is een toeristisch paradijs. U wordt hier geconfronteerd met de geschiedenis van de Europese architectuur. De mooiste voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld de in hun geheel onder UNESCO-zorg staande middeleeuwse stadjes Cesky Krumlov en Trebon, maar ook zijn er talloze huizen en kapelletjes die aan het rijke verleden herinneren. Ook zijn er monumentale boerderijcomplexen in Zuidboheemse boerenbarokstijl bewaard gebleven. Verder vindt u in dit gebied vele burchten en kastelen (Hluboka, Orlik, Rozmberk b.v.).
Ook wandelaars en fietsers kunnen hun hart ophalen, terwijl liefhebbers van strand en watersport aan het grote Lipno-stuwmeer terecht kunnen.

LIPNOMEER en omgeving

Het Lipno(stuw)meer is ontstaan na het in 1959 gereedkomen van de 28 meter hoge dam in de Moldau (Vltava). Het ligt in het zuidoostelijk deel van het Boheemse Woud en is het eerste in een hele keten van stuwmeren (de Moldaucascade, waartoe ook het Orlikmeer en het Slapymeer behoren). Diep onder de grond zit een elektriciteitscentrale verborgen. Het 5450 ha grote Lipnomeer is ongeveer 45 kilometer lang; hier en daar heel smal en op enkele plaatsen uitgestulpt tot een breedte van meer dan 10 km. De oevers zijn zachtglooiend. Vanwege de vrijwel onbeperkte watersportmogelijkheden wordt het meer 's zomers door talloze toeristen bezocht. Tussen de verschillende plaatsen aan het meer wordt een bootlijndienst onderhouden. Aan het meer liggen vele gezellige (vakantie)plaatsjes, waarvan Lipno, Frymburk, Horni Plana en Zelnava de bekendste zijn.

MIDDELEEUWSE STEDEN IN ZUID-BOHEMEN

Cesky Krumlov (560 m; 14.450 inwoners). Eén van de mooiste historische stadjes in de Tsjechische Republiek. Het staat in zijn geheel onder monumentenzorg van UNESCO. Cesky Krumlov vindt zijn oorsprong in een in de 13e eeuw gebouwde burcht, waaromheen later de stad verrees. Het oudste deel (uit ca. 1280) is "Latran" in het onderste deel van de burcht, dat vanaf het parkeerterrein buiten de stad bereikt wordt via een brug met imposante wachttoren. Hiervandaan komt u door een klein straatje op het marktplein Klement Gottwalda (de naam is waarschijnlijk intussen gewijzigd, want Gottwald was de eerste communististische president en de Tsjechen worden hieraan niet graag herinnerd). Op dit gezellige pleintje liggen tussen historische gebouwen (o.a. het renaissanceraadhuis met arcaden) restaurants en terrassen. Hier vlak bij staat de Dekenaatskerk St. Vitus uit 1439 (waardevol interieur). De "Bovenste Burcht" bestaat uit gebouwen die in verschillende periodes verrezen zijn. De burcht werd in de jaren 1575 - 1590 omgebouwd; het huidige uiterlijk stamt uit 1687. Door een overdekte gang is het slot verbonden met het theater (1766). In de tuin staat het paviljoen Bellaria en de barokke rijschool. Voor het slot ligt tegenwoordig een openluchttheater met een draaibaar podium. In het slot bevindt zich een galerie met waardevolle prenten. Het minorietenklooster is uit het jaar 1350; de kerk werd in de 17e eeuw in barokstijl omgebouwd. Het Clarissenklooster is overwegend barok. De bierbrouwerij bij het klooster stamt uit het jaar 1604. Behalve veel moois bekijken, kunt u in Cesky Krumlov ook zwemmen, tennissen en fitnessen.

Ten noorden van Cesky Krumlov ligt de berg Klet (1083) m, te bereiken per stoeltjeslift (dalstation Krasetin, 2 km van het treinstation Helubov).

6 km ten noorden van Cesky Krumlov ligt in de heuvels het schitterend gerestaureerde vroeggotische klooster Zlata Koruna (= Gouden Kroon) met ernaast de op twee na grootste Domkerk in Bohemen.

Ceske Budejovice (385 m; 99.750 inwoners). Mooie historische stad, gelegen op een punt waar de Vltava (Moldau) en de Malse bij elkaar komen. Het prachtige rechthoekige stadplein is op veel foto's te zien. Evenals Cesky Krumlov staat de stad onder monumentenzorg, in dit geval vanwege de talrijke laat-gotische, renaissance en barokhuizen, de arcades en de resten van een gotische vesting. Zichtbaar symbool van de voormalige rijkdom van de stad is de Cerna Vez, de Zwarte Toren, een 72 meter hoge klokken- en wachttoren uit het jaar 1577. Voor de liefhebbers van architectuur zijn ook de moeite waard het Zouthuis (1564), een klooster uit de 14e eeuw (omgebouwd in de 18e eeuw), de Samson-bron (1720) en het barokke raadhuis uit 1731. Interessant is ook het Tsjechische deel van de voormalige (paarden)spoorlijn van Ceske Budejovice naar Linz (in Oostenrijk). 10 km ten noorden van Ceske Budejovice ligt op een hoogte van 260 m het slot Hluboka aan de Vltava (Moldau). Dit sprookjeskasteel in Windsorstijl (144 zalen met wandtapijten, schilderijen, spiegels en wapenuitrustingen) kan de vergelijking met de meeste beroemde kastelen in Midden-Bohemen glansrijk doorstaan, al was het maar vanwege de magie. Rondom het slot liggen een uitgestrekt park in Engelse stijl, een dierenparkje en wat verderop jachtslot Ohrada uit 1713 (jachtmuseum).

Trebon
Te midden van veel water gelegen stadje. De oude muren zijn deels nog in tact. Het historisch centrum staat onder UNESCO monumentenzorg. Reeds in 1367 werd het Augustijner klooster gesticht. Na een brand in 1781 vond herbouw in barokstijl plaats. Hierbij zijn helaas de prachtige oorspronkelijke gotische godsdienstige beschilderingen verloren gegaan. In de kloosterkerk zijn nog wel een gotische madonna, een beeld van Christogorus en een 15e eeuws Laatste Oordeel te bewonderen. In de aangrenzende kloosterhof zijn nog fresco's uit de 15e eeuw te zien. Bij het klooster begint het Fucik plein, waarlangs een serie huizen met renaissance en barokgevels, het stadhuis en het plaatselijke kasteel. Het moeraslandschap rond Trebon werd in het midden van de 15e eeuw gelijdelijkaan gedraineerd en vergraven tot een grote serie visvijvers die met elkaar en met de rivieren door een kanaal zijn verbonden. De meeste vijvers zijn zeer groot (de grootste is 711 ha), zodat wij liever van meren spreken. In het meer Svet met recreatieoord Ostende (ten zuiden van Trebon) kunnen watersporters en zwemmers hun hart ophalen. Sommige van de vijvers/meren zijn zeer rijk aan vogels.

SUMAVA (BOHEEMSE WOUD)

Meer dan 200 km lang middelgebergte in Zuid-West Bohemen op de grens met Duitsland. De hoogste toppen blijven aan de Tsjechische kant net onder de 1400 meter. Het gebergte is sterk bebost en ruig: oerbos, moerassen, kleine gletsjermeren, rotswanden. Het Lipnomeer ligt nog net in het Boheemse Woud, maar het landschap hier heeft een duidelijk ander karakter. Dit gebied wordt hieronder afzonderlijk besproken.
Meer toeristische info vindt u onder de regio Zuid Bohemen.

Susice (12.000 inwoners). Het stadje ligt schilderachtig in het dal van de rivier Otava, te midden van de Svatoborska heuvels, aan de voet van de berg Svatobor (845 m). In de oude stadskern zijn de nodige (gerestaureerde) historische gebouwen, waaronder het Raadhuis (Renaissance) en de St. Wenzels Basiliek (oorspronkelijk uit 1322). Er is ook een interessant 17e eeuws joods kerkhof. Tip van een oplettende lezer: op dinsdag is er de wekelijkse markt.

Rabi, 8 km ten noordoosten van Susice - De grootste burchtruïne in Bohemen. Het enorme, imposante burchtcomplex werd gesticht in de 14e eeuw en is daarna verschillende keren herbouwd. Vanaf de 16e eeuw werd het complex niet meer bewoond en in de 17e eeuw is het geplunderd. Eén van onze gasten schreef dat er dagelijks rondleidingen worden gegeven (Duits en Tsjechisch). In een Middeleeuwse entourage kan men er boogschieten, ijzer smeden en wijn persen. De medewerkers zijn gekleed in Middeleeuwse gewaden.

Domazlice (428 m; 11.500 inwoners) Vanwege de kostbare historische architectuur staat het stadje als geheel onder monumentenzorg. Er is een langgerekt marktplein waaraan veel huizen met zuilenbogen, een toren en twee stadspoorten.Tot de belangrijkste bezienswaardigheden behoren ook de Dekanaatskerk Maria Geboorte, het Augustinerklooster en de Maria Hemelvaart Kerk. Van de voormalige burcht Chodsko is alleen nog een toren overgebleven (thans klein museum). Domazlice is de hoofdstad van het gebied Chodsko (het "land van de Choden", een oude Slavische volksstam. Dit vindt u terug in de - ook nu nog wel gedragen - klederdracht, het dialect (maar dat zult u als Nederlandssprekende waarschijnlijk niet kunnen onderscheiden van het gewone Tsjechisch), de volksmuziek en de volksdansen. Om dit laatste te kunnen horen en zien, moet u het geluk hebben dat er een dorpsfeest is. Het volkskundig museum heeft een interessante folkloristische collectie. In het stadje zijn een overdekt zwembad, een sauna, 7 tennisbanen, een paardrijschool en een fitnesscentrum. Liefhebbers van lekkernijen kunnen de typisch Chodische kwarkkoeken eens proberen.

7 km ten zuidwesten van Domazlice ligt het recreatiecentrum Babylon met meertje met zandstrand, enkele karpervijvers en watervogelreservaten.

10 km ten zuidwesten van Domazlice ligt Klenci pod Cerchovem, bekend om zijn Chodische keramiek (o.a. te zien in het Baarmuseum). Het dorp heeft een oud marktplein met barokke kerk. Vanaf de top van de berg Cerchov (1042 m) heeft men een schitterend uitzicht.

11 kilometer ten noorden van Domazlice ligt in het stadje Horsovsky Tyn een renaissance slot met een collectie kunst, beeldhouwwerken en porcelein. Bij Podhaji (zuidwestelijk van Horzovsky Tyn) ligt een zwemmeer.

Zelezna Ruda (754 m; 1.730 inwoners) is bij de meeste mensen bekend als wintersportoord (26 skiliften). Vanaf 1877, toen de spoorlijn naar het Duitse Beieren klaar was, kwamen toerisme en handel tot grote bloei. Tijdens de communistische overheersing echter ging de grens weer dicht en was het plaatsje lange tijd min of meer vergeten. Sinds de fluwelen revolutie is met name het toerisme weer op gang gekomen en terecht: er valt veel te zien en te doen. Zelezna Ruda is weer een levendig toeristencentrum met 17 restaurants, een bioscoop, een museum (glaswerk), een zwembad en 7 tennisbanen. Eén van onze gasten merkte op dat er veel door Vietnamezen gerunde stalletjes/winkeltjes zijn waar men de toeristen letterlijk naar binnen trekt om hun uitgestalde waren, voornamelijk kerstballen, T-shirts en sportschoenen, te verkopen. Inderdaad zie je dit soort verkooppraktijken vaak bij de grensovergangen en enigszins opdringerig gedrag is ons ook bekend, maar "naar binnen trekken" hebben wij zelf nog niet meegemaakt. Niettemin willen we u deze tip van een vakantieganger niet onthouden.

Iets ten zuiden, op de Duits-Tsjechische grens, ligt de hoogste top van het Boheemse Woud, de Grosser Arber (1457 m). Ten noorden liggen de interessante gletsjermeren Cerna Jezero (Zwart Meer) en Certovo Jezero (Duivelsmeer). Het Cerna Jezero is het grootste natuurlijke meer in het Boheemse Woud. Beide meren zijn diep (35 m) en liggen hoog (net boven de 1000 m). In dit gebied zijn kloven en diepe geulen. Het Zwarte Meer kreeg zijn naam dank zij zijn donkere waterspiegel, maar het meer is ook "zwart" in de zin van de geheimen die het (nog) herbergt: er werden al kisten springstof en nazi-archiefmateriaal naar boven gehaald. De meren zijn te bereiken (het laatste stuk te voet; u bent hier in een natuurreservaat) vanuit het vakantieplaatsje Spicak bij de gelijknamige berg.

Vimperk (720 m; 8.500 inwoners), in het dal van het riviertje Volynka, in het heuvelland Vimperska, is een historisch stadje met mooie oude gebouwen en enkele houten huizen. De stadswallen uit de 15e eeuw zijn deels bewaard gebleven, waaronder een van de torens. De oorsponrkelijk gotische burcht uit de 13e eeuw is eerst in renaissancestijl en later (1734) in barokstijl omgebouwd. In het stadje zijn verder 15 restaurants, een bioscoop, een museum, 3 overdekte zwembaden, een openlucht zwembad, een tennisbaan, een paardrijschool en een sportschool.

Iets ten zuiden van Vimperk ligt de berg Boubin (1362 m) met aan de voet 47 hectare oerbos (natuurresrevaat)

Prachatice (569 m; 12.500 inwoners) is een regiohoofdstad in Zuid-Bohemen, in het gebergtevoorland, aan de voet van de berg Libin (1091m). Het stadje staat vanwege meerdere historische gebouwen onder monumentenzorg. De 16e eeuw was vanwege de belangrijke handelsbetrekkingen (men had een monopolie op de zouthandel) de Gouden Eeuw. Uit deze tijd dateren diverse renaisaance-bouwwerken. Van de historische kern bleven een deel van de stadsmuren en de poort Dolni Brana bewaard. De meeste historische gebouwen liggen aan of bij het marktplein. Ze zijn veelal mooi gedecoreerd.

18 km ten zuidwesten, dieper het Boheemse Woud in, ligt Volary. De barokke St. Catharinakerk is bezienswaardig. Op het kerkhof zijn 95 Hongaarse en Poolse jodinnen begraven, die de doodsmars niet overleefden. In de omgeving liggen twee natuurreservaten en het 6,5 ha grote gletsjermeer Plesne Jezero, aan de voet van de 1320 m hoge berg Tristolicnik (Driestoeltjesberg). Het ruige moerasgebied wordt doorsneden door vele stroompjes die soms diepe kloofdalen hebben gevormd. Op het punt waar twee van deze stroompjes samen kwamen, ontstond de Moldau (Vltava). Op het drielandenpunt Tsjechië - Duitsland - Oostenrijk ligt de berg Plechy: 1378 m hoog.

Zuid Bohemen/Lipnomeer

Zuid Bohemen/Lipnomeer Zuid Bohemen/Lipnomeer Zuid Bohemen/Lipnomeer